Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:

Woningsplitsing.


Naar verwachting telt Nederland in 2035 18,8 miljoen inwoners. Mede door dit aantal zal de vraag naar woningen vanzelfsprekend toenemen. Om aan de groeiende vraag te voldoen, moeten tussen 2020 en 2030 in totaal 845.000 woningen gebouwd worden. Momenteel is er een tekort van 331.000 woningen (4,2 procent van de woningvoorraad). De inzet is om dit tekort terug te brengen naar 2% in 2035.
(bron:   www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2020/06/15/staat-van-de-woningmarkt-2020)

Voor de volgende onderwerpen ga naar:

algemeen;
woningsplitsing als deeloplossing woningtekort;
de praktijk van het splitsen;


 

Algemeen:

Woningsplitsing komt vaak ter sprake bij een tekort aan woningen, zoals in tijden van woningnood. Onder woningnood verstaat men een tekort aan sociale huurwoningen voor mensen met een relatief laag inkomen. Woningsplitsing is overigens geen nieuw verschijnsel maar bestond ook al in de 19e eeuw toen door de industriŽle revolutie men massaal naar de stad trok om daar te werken en te wonen. De huizen van de rijken werden gesplitst en zelf vertrokken deze naar rustiger oorden.
door de oprichting van de woningbouwverenigingen kwam daarna de georganiseerde sociale woningbouw langzaam op gang. Deze volkshuisvesting kreeg landelijk een impuls toen de overheid er zich intensief mee ging bemoeien. zie  indien gewenst
Voor de ontwikkeling van de volkswoningbouw (de behuizing van de arbeidende klasse) vanaf 1852 en de daarop volgende woningwet van 1901;    de wederopbouwperiode van na 1945 (fase 1 en 2) en de gesubsidieerde woningbouwnormering van na 1950.
het onderwerp "Woningvorm typologie" van het onderdeel "functionele vormgeving - typologiŽn.
Maar ook hieraan kwam een eind toen dezelfde overheid in de jaren tachtig ging bezuinigen. Ze wilden o.a. af van de subsidies en goedkope leningen voor de volkshuisvesting. Dit had verzelfstandiging van een groot aantal woningcorporaties tot gevolg.
Rond de jaren negentig stagneerde door deze verzelfstandiging de nieuwbouw van huurwoningen. In de Vierde Nota van Ruimtelijke Ordening werd bepaald dat bij het bouwen op Vinex-locaties (grootschalige nieuwbouwprojecten t.b.v. woningen uit de jaren negentig) maximaal 30% van de woningen in de goedkopere sector mochten horen. De overige 70% waren bedoeld voor duurdere huur- en koopwoningen.

Voor de corporaties, die nu zonder overheidssteun en goedkope overheidsleningen moesten functioneren, was het bouwen (mede door de voortdurend stijgende grondprijzen en de door wet- en regelgeving steeds hogere gestelde eisen voor woningen) van sociale huurwoningen geen lucratieve activiteit. Dus bouwden de corporaties meer dure woningen en sloopten ze oudere sociale huurwoningen om daar woningen voor hogere inkomensgroepen te bouwen. Dit alles deden ze onder het mom van "diversiteitsbeleid":   door goedkope en dure woningen door elkaar te bouwen, zou een buurt leefbaarder worden. Deze gedachte sloot aan bij het Grotestedenbeleid van het kabinet, maar had voor de corporaties duidelijk ook een positief financiŽl component.

Ook voor de gemeenten was het vervangen van goedkope voor dure woningen financieel aantrekkelijker.

Deze manier van werken had gevolgen voor de opbouw van de woningvoorraad:   het aantalgoedkope sociale huurwoningen liep terug.
De wens om een lage huur te betalen bleef, maar de woonvereisten en -wensen bleven door aanvullende overheidseisen en de vrije markteconomie (aangezwengeld door relamevoorbeelden, etc.) toenemen
Voor starters en middeninkomens wordt het daarom steeds lastiger om in de huidige woningmarkt een passende woning te vinden en voor huurders is er al helemaal geen keus meer.
klik hier om naar boven te gaan


 

Woningsplitsing als deeloplossing woningtekort:

Sinds de invoering van de Woningwet in 1901 zijn we steeds groter gaan wonen:
van 8 vierkante meter per persoon toen tot 65 vierkante meter nu.   (bron:  eigen huis magazine okt. 2020) noot!   Let wel op dit is een gemiddelde.
Gezinnen met kinderen halen dit gemiddelde niet. Maar de meeste andere samenwonenden wel en alleenstaande houden ruimte over.
Niet iedereen wil echter zo ruim wonen.   zie  hiervoor het subonderwerp "tiny houses"
van het onderwerp "etcetera. (Duurzaam bouwen, etc.)" van het onderdeel "hergebruik - duurzaam bouwen".

Woningsplitsing als deeloplossing van het woningtekort is derhalve een mogelijke optie.

eigen huis magazine

Maar helaas:   standaard woonhuizen gebouwd volgens de toen geldende sociale woningbouwnormen zijn thans, volgens de huidige woonwensen en -normen, nagenoeg niet in afzonderlijke woningen te splitsen.
Voor grotere woningen en sociale woningbouw woningen welke in de loop der jaren groter zijn gemaakt zijn er vaak wel meer mogelijkheden.
klik hier om naar boven te gaan



 

De praktijk van het splitsen:

Verticaal splitsen heeft de voorkeur boven horizontaal splitsen, maar dit kan meestal alleen bij vrijstaande huizen van voldoende grootte.

Horizontale splitsing:


Waar komen we binnen ?  De straatzijde heeft de voorkeur. Want die is openbaar toegankelijk voor ieder een.
De trap naar het te maken bovenappartement moet dan vandaaruit bereikbaar zijn. Dit is niet overal standaard.
Is de huidige trap in het midden van de ruimte (zie naaststaande tekening): dan heb je een constructief op te lossen probleem.
Het bestaande trapgat moet worden gedicht en een nieuw trapgat moet worden gemaakt.
Let wel op!   de trap moet ook voldoen aan de huidige eisen qua op- en aftreden, etc. en dat is niet altijd zo.
De bestaande wanden en vloeren die door de splitsing woningscheidend worden moeten gaan voldoen aan hogere eisen m.b.t. geluid en brandwerendheid. D.w.z. bestaande leidingdoorvoeren brandwerend en geluiddicht maken.
Een nieuwe badkamer voor het benedenappartement en een keukenblok voor het bovenappartement.
De meterkast nabij de voordeur moet worden uitgebreid met een extra meterkast, welk voor ieder appartement apart bereikbaar moet zijn en de bestaande installaties moet van elkaar worden losgekoppeld.
Een balkon als buitenruimte voor het appartement op de verdieping is gewenst, tenzij een dakterras mogelijk is en daar waar mogelijk via dit balkon of raam een 2e vluchtweg creŽren.
De oorspronkelijke ramen op de verdieping in het nieuw te maken woongedeelte moeten worden vervangen in grotere ramen en een eventuele balkondeur.
Voor beide appartementen zonnepanelen op het dak (het dakonderhoud is n.l voor beiden) en
een eigen warmtepomp, daar waar ze het minste overlast geven voor eigenaar en buren.
En tenslotte een aparte bergruimte daar waar mogelijk.

Splitsen is dus niet zo eenvoudig als men vaak denkt. Probeer het maar eens met onderstaande woningvoorbeeld uit de publicatie "Goedkoper bouwen", van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, uit 1982
 


Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:
dd: 22-03-2021

 

 
klik hier om naar boven te gaan