Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:

Bestrating.

Voor de volgende onderwerpen ga naar:

bestratingsgeschiedenis;

bestratingsmateriaal;
bestratingsverbanden;
profiel van de rijweg;
afwateringssystemen;
afwatering van het trottoir en terras;
speciale bestrating;
aanlegtips;
divers;



 

Bestratingsgeschiedenis:

Afhankelijk van het toe te passen doel van de bestrating zijn vele steenachtige materialen geschikt.
Bestrating materialen voor verkeerswegen, parkeerterreinen, trottoirs, etc. moeten thans voldoen aan de daarvoor ontwikkelde normen.
In het verleden was dat anders: bron tekstfragment "Mooi Gelderland" (De grote stille heide - herfst 2016)

bron tekstfragment:   vouwblad Historisch straatmeubilair (Rijksdienst voor Monumentenzorg (1981 ?))

In de middeleeuwse stad was over het algemeen weinig sprake van stenen wegverharding en er buiten vrijwel geheel niet.
De schaarse oude klinker- en keiwegen, welke wij thans nog bezitten (1980), zijn vrijwel alle aan het eind van de vorige of in het begin van deze eeuw aangelegd.

De materialen die hiervoor meestal gebruikt werden zijn:   onregelmatig gevormde veldkeien, gehakte granietkeien (ook wel kinderhoofdjes of kasseien genoemd) en gebakken straatklinkers die een grote variatie in kleur en maat te zien geven. Deze bestratingen bepalen door hun geaardheid (zichtbare structuur), vorm en kleurvariatie in hoge mate de sfeer en aspect van een straat,plein of landweg.

zie extra    Materialen voor gruiswegen (Onze bouwmaterialen deel 1 (natuursteen) - J.A. van der Kloes (1923))

Voor het huis, tussen de voorgevel en de rijweg, lag veelal een strookje grond dat door de eigenaar van het huis werd bestraat:  de stoep. Aanvankelijk diende hij als gebruiksstoep. De ruimte werd door kleinere handelaren en ambachtslieden gebruikt om er hun waren op uit te stallen en aan de man te brengen. Op deze stoep werd vaak een houten bank geplaatst.
zie  zie de afbeelding van het straatje van Vermeer bij "Dakramen en dakkapellen"
In de loop van de 17de eeuw begint de stoep bij de rijkere huizen van aanzien te veranderen. In plaats van een gebruiksstoep zien wij nu een sierstoep ontstaan.

De sierstoepen werden vaak belegd met tegels of grote platen blauwgrijze hardsteen. Naast hardsteen werd ook gebruik gemaakt van verschillende soorten klinkers. In sommige kleinere plaatsen werden veldkeitjes gebruikt voor het aanleggen van stoepen.

Als aanduiding van particuliere stoepen werden vaak stoeppalen en stoephekken geplaatst.
zie  zie verder het onderdeel "Straatmeubilair" bij het onderwerp "exterieur divers".

Verkeersonveiligheid:   een oud probleem

Hoe snelheid verminderen ?
Het lijkt heel simpel:   plaats verkeersborden met lage maximumsnelheden en het probleem is opgelost. Maar zo eenvoudig is het echter niet. Mensen laten zich niet door borden alleen afremmen. Weggebruikers moeten dus worden gedwongen hun snelheid aan te passen aan de omstandigheden. Dit kan heel goed:    door de weg zodanig te maken dat er simpelweg niet snel kŠn worden gereden (korte rechte stukken, krappe bochten, etc.).
Ook de breedte van de weg is van invloed op de snelheid en verder de soort verharding (bestrating) en het beeld van de omgeving (bomen, lichtmasten, de kleur van het wegdek, etc.).

klik hier om naar boven te gaan


 

Bestratingsmateriaal:

Straatbakstenen:

Vormbaksteen in verschillende formaten (waalformaat, dikformaat, tegelformaat, etc.) en verschillende kleuren (zwart, rood, geel, etc.).
Alle sorteringen zijn met KIWA-certificaat leverbaar en voldoen aan de eisen van Rijkswaterstaat.

Voor de gebakken straatbakstenen zie brochure Koninklijk verbond van Nederlandse Baksteenfabrikanten bij de verwijzingen naar externe sites van derden.
(www.knb-baksteen.nl) - brochure straatbaksteen

Betonstraatstenen:

Betonstraatstenen worden geproduceerd in verschillende basisformaten, waarvan de meest voorkomende zijn;
Keiformaat (200x100 mm), Waalformaat (200x50 mm) en Dikformaat (210x70 mm).

Met de dikte van betonstraatstenen kan beter gevarieerd worden, zodat ze geschikt zijn voor verschillende gebruiksmogelijkheden.
Stenen met een dikte van 5 tot 7 cm. zijn geschikt voor voetgangerszones en licht autoverkeer.
De meest voorkomende dikte is 8 cm. en diktes van 9 tot en met 15 cm. zijn bedoeld voor industrie en ander zwaar gebruik.

Omdat een steen van beton makkelijker te vormen is, kunnen als aanvulling op de normale stenen, vele varianten gemaakt worden. Zoals:

  • Bisschopsmutsen (kantstenen voor keper- of elleboogverband)
  • Keperstenen (hoekstenen voor keper- of elleboogverband)
  • Halven (voor leggen van blokverband)
  • Dubbelklinkers (ter grootte van twee stenen, al dan niet met een schijnvoeg)
  • Anderhalve dubbelklinker
  • Dubbel dubbelklinkers
  • etc.

Natuursteen bestrating:

Wordt in verband met de prijs alleen verwerkt uit esthetische overwegingen.
klik hier om naar boven te gaan


 

Bestratingsverbanden:

Een bestrating ontleent zijn stevigheid aan de manier waarop de stenen ten opzichte van elkaar gerangschikt worden.
Afhankelijk van het steenformaat zijn er verschillende, zogenaamde verbanden mogelijk. Elk bestratingverband heeft zijn eigen mogelijkheden en beperkingen. Maar elk bestratingverband heeft ook zijn voor- en nadelen.

http://www.bestrating-online.nl/legverbanden.html
bron: bestrating-online.nl/legverbanden.html

Toegepaste verbanden in straatstenen voor rijwegen zijn:
  • Halfsteensverband
  • Diagonaalverband
  • Keperverband
  • Elleboogverband (wordt veelal toegepast op pleinen en patkeerhavens)
  • Blokverband (wordt vooral gebruikt bij tijdelijke wegen en noodstraten)
  • stroomlagen (vooral geschikt voor slingerende wandelpaden)
Toegepaste verbanden in troittoir (en fietspad) bestrating zijn:
  • Halfsteensverband
  • Blokverband
  • Diagonaalverband
  • stroomlagen of lintlagen (kunnen alleen worden toegepast bij grote bochtstralen)
Toegepaste verbanden in sierbestrating zijn:
  • Waaierverband        waaierverband
  • Schubbenverband   schubbenverband
  • Schelpenverband    schelpenverband
  • Segmentverband     segmentverband

klik hier om naar boven te gaan


 

Profiel van de rijweg:

Uit verkeerstechnisch oogpunt zal men een aan te leggen weg in dwars- en lengterichting zo vlak mogelijk dienen te zijn. Toch mag de afwatering hierbij niet in gevaar komen.
Om deze reden zijn er een aantal dwarsprofielen ontwikkeld, ieder met zijn eigen constructiewijze.

(aantekeningen 1980)
profiel van de rijweg (aantekeningen 1980)
klik hier om naar boven te gaan



 

Afwateringssystemen:

De te gebruiken straatkolken , drains, etc moet op de te maken vloer/bestrating zijn afgestemd.

(afbeeldingen:  aco.be)
Voor doumentatie prefab afvoergoten zie bij verwijzingen naar externe sites van derden.

Puntafwatering

Puntafwatering:


Bij dit systeem wordt het terrein opgedeeld in verschillende af te wateren oppervlaktes van maximaal ca 100 m2.
De verschillende afwateringspunten moeten gecentraliseerd worden naar de hoofdaansluiting, hierdoor krijgen we een uitgebreid ondergronds rioleringssysteem.
 

 

 

 

Lijnafwatering met molgoten

Lijnafwatering met molgoten:


Molgoten of verzonken greppels zijn uiteraard niet comfortabel voor het verkeer.
Door de beperkte opvangcapaciteit is ook hier een meer uitgebreid rioleringsnet noodzakelijk.
 

 

 

 

 

Lijnafwatering met kanalen  www.aco.be)

Lijnafwatering met kanalen:


De ondergrondse kanalen (drains) vervangen de bovengrondse molgoten en de daarbij behorende bezwaren.
 

 

 

 

 

 

goottypen

gootconstructie:

Naar gelang de constructie van de goot bestaan er diverse goottypen:(zie afbeeldingen hiernaast)
  • goot bestaande uit strekse lagen;
  • goot bestaande uit stroomlagen;
  • molgoot.
zie      straatgoten in 1923
bij het subonderwerp "Bestrating" van het onderwerp "Natuursteen toepassingen" van het onderdeel "Materialen - (-)steen/beton".

klik hier om naar boven te gaan


 

Afwatering van het trottoir en terras:

Water moet van de gevel wegvloeien. Houd dus rekening met een verval van 2% (2 centimeter per meter).

afwatering van het trottoir (aantekeningen 1980)   afwatering van het trottoir (aantekeningen 1980)

Waar blijft het water bij een terras in de tuin ?
Hoewel afhankelijk van de doorlaatbaarheid van de grond en de hoogte van de tuin is het voldoende om het terras de hierboven genoemde 2 cm per meter te laten aflopen naar de plaats waarheen je het regenwater wilt geleiden.

Als het straatwerk iets hoger ligt dan de borders van de tuin, dan zal het teveel aan water gemakkelijk in de bodem verdwijnen. Indien er sprake is van een erg zware grond of extra wateroverlast dan is een drainage-systeem gekoppeld aan de hemel-waterafvoer via de riolering aan te bevelen.

www.nijst-natuursteen.be
 

 
(bron:  nijst-natuursteen.be)

Blijf bij een bestrating tegen de gevel in ieder geval onder de eventuele waterkeringlaag van de gevel. Zo vermijdt je vochtproblemen.

De waterkeringlaag bevindt zich meestal vlak onder de verluchtingsvoeg, net boven het maaiveld, in de gevel. Soms zelfs nog een steen lager.
Begin met bestraten dus nooit boven deze laag!
Zit u door omstandigheden toch boven deze laag? Plaats dan een noppenfolie en draineringlaag. Zij zorgen ervoor dat de binnenmuren niet vochtig worden.
 

 

 

klik hier om naar boven te gaan



 

Speciale bestrating:

betonverharding

betonverhardingen:

(afbeelding:   hverhoef.nl   ?)

Betonverhardingen is beton voor de aanleg van betonwegen, betonpaden, kavelpaden, fiets- of voetpaden.
Betonverharding is een duurzame oplossing, vooral voor zwaar belaste terreinen of in gevallen waar het natuurlijke verloop van het terrein gevolgd moet worden.

Afhankelijk van het toekomstige gebruik worden deze verhardingen gelegd op de natuurlijke ondergrond dan wel voorzien van een fundering en/of wapening.

(Stelcon)prefab betonplaten en keerwanden:

Stelcon platen    keerwanden

(Stelcon)prefab betonplaten worden in diverse sectoren gebruikt. Door de sterkte van de plaat is deze geschikt voor veel toepassingen in de agrarische en industriŽle sector. De plaat is bestand tegen bijzonder zware belasting, extreme weersomstandigheden en puntsbelasting.

Voor mogelijke leverancier van betonplaten en keerwanden zie de verwijzingen naar externe sites van derden.

waterdoorlatende bestrating:

Toepassing van open, waterdoorlatende bestratingen is een prima manier om infiltratie van regenwater te bevorderen. Een combinatie van zulke bestrating met een specifiek op de ondergrond aangepaste fundering waarborgt een adequate regenwaterafvoer zonder dat de stabiliteit van de wegconstructie in gevaar komt.

Dit type bestrating wordt veel toegepast in de openbare ruimte van milieuvriendelijke wijken en op grote industrieterreinen.

Vloeistofdichte bestrating voor die plaatsen, waar bodemverontreiniging kan optreden:

In het kader van de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming bedrijfsmatige activiteiten (NRB 2001) moeten veel bedrijven, die werken met bodembedreigende stoffen voorzieningen hebben waarmee het risico op bodemverontreiniging verwaarloosbaar wordt.
Conform de NRB zijn er voor de meeste bedrijven in principe twee mogelijkheden:

Een vloeistofdichte vloer, goedgekeurd door een inspecteur in het kader van de PBV/CUR-Aanbeveling 44. Een dergelijke voorziening moet jaarlijks zelf visueel worden beoordeeld en regelmatig door de inspecteur worden herkeurd.

Een vloeistofkerende vloer, die bodembedreigende stoffen lang genoeg kan tegenhouden totdat deze opgeruimd worden. Dergelijke vloeren moeten ook regelmatig zelf visueel beoordeeld worden. Daarnaast moet door middel van technische en organisatorische maatregelen voorkomen worden dat de voorziening blootgesteld wordt aan bodembedreigende stoffen of dat dit zichtbaar is.

Eventueel mogen er gelijkwaardige voorzieningen zijn aangebracht die ervoor zorgen dat er geen vloeistoffen in de bodem of het grondwater terecht kunnen komen.

Een vloeistofdichte vloer is een goed verdichte betonvloer met een dikte van 15 cm.
N.B. Wanneer dit beton niet goed verdicht is (ongelijke zetting) kan er nog vloeistof weglekken naar de onderliggende bodem.

Methodes om een gescheurde of niet goed verdichte vloer vloeistofdicht te krijgen, zijn:

  • het coaten van een vloer, waardoor ook stofvorming achterwege blijft;
  • het aanbrengen van een kunststof deklaag, er mogen geen ongelijke zettingen onder de betonvloer plaatsvinden;
  • het aanbrengen van een betonnen deklaag. Hierbij wordt de vloer wel aanmerkelijk dikker. Er kunnen problemen optreden m.b.t. de nazettingen;
  • het aanbrengen van een bitumenachtige laag. Deze laag is iets flexibeler ten aanzien van zettingen, maar moet wel brandstofbestendig zijn.

Methodes om een vloer bestaande uit stelconplaten vloeistofdicht te krijgen, zijn:

  • aanbrengen van een brandstofbestendig folie (HDPE) onder de vloer met opstaande randen langs de funderingsbalken omhoog;
    wanneer de vloer is uitgezakt, kan er een kunststof, beton of bitumenachtige deklaag overheen aangebracht worden;

Methode om een een bestrating van zeshoekige KOMO gecertificeerde beton elementen vloeistofdicht te krijgen, zijn:

  • aanbrengen van een brandstofbestendig folie (HDPE) onder de vloer met opstaande randen langs de funderingsbalken omhoog;
    een bestrating van zeshoekige KOMO gecertificeerde beton elementen (. De voeg is met zijn 3,91 M1 per m2 relatief kort.) welke i.v.m hun gewicht machinaal worden gelegd aanbrengen en de voegen met een elastische- en vloeistofdichte voegenkit afwerken;

klik hier om naar boven te gaan


 

Aanleg tips:

Een goede, duurzame bestrating ligt op een degelijke ondergrond. Is deze niet goed, dan kan het pad of terras na verloop van tijd gaan verzakken.
Afhankelijk van de draagkracht van de bestaande ondergrond, de toepassing en het gebruikte materiaal is elke situatie weer anders. Hoe dunner het bestratingmateriaal, hoe steviger de bestratingsondergrond moet zijn.
Een dikke betonklinker kan worden geplaatst op een ondergrond van goed aangetrild gewassen zand, een dunne terrastegel moet worden gelegd in met cement gestabiliseerd metselzand.
Hoe zwaarder de bestrating wordt belast, hoe dikker de bestratingsondergrond moet zijn.
Op het pad naar de voordeur wordt alleen gelopen, maar op een oprit wordt met auto's gereden. In het laatste geval moet de fundering dan ook natuurlijk veel dikker zijn.
De bestratingsondergrond kan bestaan uit de volgende lagen: Een onderlaag van grove steenslag of gebroken puin. Deze onderlaag is meestal 15-30 cm dik.
Is de bestaande ondergrond zeer slecht draagkrachtig, dan kun je het beste onder deze onderlaag een kunststof geotextiel doek aanbrengen. Hierdoor, wordt de druk gelijkmatiger verdeeld en bovendien kan de onderlaag op deze manier niet in de ondergrond wegzakken.

Een afwerklaag van gewassen zand, bijvoorbeeld ophoogzand of met cement gestabiliseerd metselzand, afhankelijk van het materiaal dat voor de bestrating is gekozen.

Voor paden en terrassen met sierbestrating moet een voldoende dik zandbed, van minimaal 20 cm, worden aangebracht.
Voor een oprit moet een extra dik zandbed van tenminste 35 cm worden aangebracht (inclusief de eventuele onderlaag van grove steenslag of gebroken puin).
Zorg er voor dat de ondergrond, voor het bestraten, goed is verdicht door aanstampen of aftrillen met een trilmachine.

De opsluiting van de bestrating:

Door middel van betonbandjes, palissadebanden of rollagen kunt u het straatwerk opsluiten zodat het niet gaat 'lopen' .
Voor een normaal terras zijn de 5 x 15 x 100 cm betonbanden prima geschikt.
Zorg er verder voor dat een eventuele rollaag ca. 2 cm lager gesteld wordt als de stenen van het paadje.

Bestrating tips divers:

Bij een rond terras leg je de stenen rijtje voor rijtje, van buiten naar binnen. De buitenste rij wordt gelegd aan de hand van een uit het middelpunt getrokken cirkel (stok en touwtje). Hoe verder je naar het hart van de cirkel komt, des te groter worden de gaten en kieren tussen de stenen. Het is dan verstandig om het laatste stukje (ca. 1 m) op te vullen met een stukje recht straatwerk.

Als je een paadje met bochten maakt kom je met een halfsteensverband in de problemen. Door het maken van spiŽn, een soort taartpunt, kun je het lijnenspel steeds corrigeren.

Met stenen in de lengterichting gelegd ontstaan geen problemen bij bochten. Je hoeft slechts op het verband (het verspringen) te letten zodat de eindvoegjes niet tegenover elkaar komen.

Natuursteen tegels bestraat je over het algemeen met een kleine voeg. De stenen kunnen namelijk elkaar beschadigen als er over wordt gelopen of gereden, en ook onder invloed van het weer kan de bestrating wat 'werken'.
De breedte van de voeg is afhankelijk van het materiaal:   hoe grover de steen, hoe breder de voeg moet zijn.
klik hier om naar boven te gaan



 

Divers:


drainering:

Water is de grootste vijand van elke verharding. Oppervlaktewater maar ook water in de bodem. Een goed waterdoorlatende ondergrond is dan ook erg belangrijk. Bevat de ondergrond veel water of laat hij weinig water door? Kies dan voor draineren.

onkruidpreventie op verhardingen:

Heb je ook zoín hekel aan het onkruid tussen uw bestrating?
De meest rigoureuze manier van onkruidbestrijding is de toepassing van chemische middelen, maar daar zijn zeer veel bezwaren tegen.

Onkruid is ook met voegmortels te bestrijden.

Voor duurzaam onkruidbeheer op verhardingen (Universiteit Wageningen) zie de verwijzingen naar externe sites van derden:

Wegdekverwarming:

zie   voor het sneeuw en ijsvrij houden van hellingbanen van parkeergarages, etc. het subonderwerp "Wegdekverwarming" van het onderwerp "Stalling- en parkeergarage's" van het onderdeel "Ontwerpelementen - parkeren".
 


Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:
dd: 05-02-2017

 

 
klik hier om naar boven te gaan


 

 

 extra informatie behorende bij:
Bestratingsgeschiedenis:
klik hier om naar boven te gaan


bron:   Onze bouwmaterialen deel 1 (natuursteen) - J.A. van der Kloes (1923)


 

 
>


 extra informatie behorende bij:
Afwateringssystemen:
klik hier om naar boven te gaan




klik hier om naar boven te gaan