Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:

Afschot platte daken.

Voor de volgende onderwerpen ga naar:

afschot algemeen;
wateracumulatie;
afschotbepalingen en afschotvormen bij normale dakbedekkingen;
afschotmiddelen;


 

Afschot algemeen:

Het Bouwbesluit en NEN 6702 Belastingen en Vervormingen geeft duidelijk aan wat er met water op een dak moet gebeuren:
Het moet worden afgevoerd.
Dit lijkt op het intrappen van een open deur, maar in de praktijk van ontwerp en uitvoering van platte daken blijkt dit niet eenvoudig.
Veel daken vertonen achterblijvende waterplassen. Het komt zelfs voor dat daken bezwijken onder de last van dit stagnerend water (wateracumulatie). Zelfs als dit ergste geval zich niet voordoet werkt stagnerend water veroudering van de dakbedekking in de hand. Achterblijvende plassen zijn verzamelplaatsen voor troep, modder, zuren en zouten. Door de vervuiling ontstaat een verhoogde kans op begroeiing en verstopping van het afvoersysteem wat een verdere vervuiling tot gevolg heeft. En in de wintersituatie veroorzaken bevriezend water behoorlijke spanningen in de dakhuid.

M.a.w. hoe meer water op het dak achterblijft, hoe groter de kans op lekkage, dus alle reden om de afwatering van daken goed te regelen.

Om water over en van een dak af te voeren moet aan twee voorwaarden worden voldaan:

  • voldoende afschot om water naar gootlijnen of verzamelpunten te laten vloeien en
  • voldoende regenwaterafvoerpijpen voor het verder afleiden van het water naar riolering, maaiveld, sloot, etc.

Afschot kan op twee manieren worden aangebracht:

  • primair in de dakvloer of in de onderconstructie van het dak;
  • secundair in de aan te brengen dakisolatie.

Vaak wordt in de bestekfase uit gemakzucht, met als excuus "het is goedkoper" gekozen voor het afschot in de dakvloer.
Dit kan in de werktekeningfase, vooral bij de uitvoerende partijen, soms leiden tot zeer veel tekenwerk en de daarbij behorende extra bouwkosten.
Zoek dit soort problemen in de bestekfase goed uit.

Zie onderstaande afbeelding van een ingewikkeld dakvlak, waarvan in het bestek stond dat de platte vlakken op afschot moesten worden gemaakt.
De aannemer heeft dit zo uitgevoerd, omdat hij de constructie (zoals in bestek gevraagd) 1 op 1 heeft doorgegeven aan zijn onderaannemer.
Afschot isolatie was hier heel wat simpeler en veel goedkoper geweest.

winkelcentrum overvecht  winkelcentrum Overvecht
klik hier om naar boven te gaan



 

Wateracumulatie:

Wateraccumulatie is een proces waarbij een geleidelijk toenemende hoeveelheid water accumuleert op een oppervlak, zoals bv. een dakvlak. Het water stroomt naar het laagste punt en vormt van daaruit een groter wordende plas. Het gewicht zal met name op het laagste punt toenemen en brengt deze belasting over op het oppervlak en de onderliggende dragende structuur. Indien een van beide niet berekend is op een dergelijke belasting zal blijvende vervorming en bezwijking optreden.

Met het programma Wateraccumulatie van www.bouwenmetstaal.nl is de staalconstructie van een plat dak op eenvoudige wijze te toetsten op gevoeligheid voor wateraccumulatie. (noot!   Helaas is dit programma niet meer kostenloos te downloaden.)

http://www.dakweb.nl/rh/97-1/97-1-6.htm

Wat zegt het Bouwbesluit?

(figuur: www.dakweb.nl/rh/97-1/97-1-6.htm)

In tegenstelling tot hetgeen velen denken stelt het Bouwbesluit in het geheel geen eisen aan het afschot van daken.

Verwarring hierover is ontstaan doordat in de norm NEN 6702 'Belastingen en vervormingen TGB 1990' in artikel 10.4.3 het volgende over afschot wordt gezegd.
"Bij oppervlakken die water moeten afvoeren, moet een zodanig afschot zijn aangebracht, dat ook bij de doorbuiging in de eindtoestand elk punt van de oppervlakte water kan blijven afvoeren naar de aanwezige afvoerpunten." De in de norm opgenomen toelichting op dit artikel vermeldt het volgende: "De eisen dienen om te voorkomen dat waterplassen op platte daken e.d. achterblijven. Een afschot van ten minste 1,6% tezamen met de doorbuigingseis volgens 10.4.2 is voldoende om in geval van bijvoorbeeld sneeuwbelasting, plasvorming door smeltwater te vermijden. De genoemde waarde voor het afschot geldt alleen als er sprake is van starre steunpunten. Bij daken samengesteld uit liggers, gordingen en platen moet met de doorbuiging van de samenstellende delen rekening zijn gehouden waardoor een groter afschot moet zijn aangehouden. Voor die gevallen waarbij kans bestaat op wateraccumulatie zie 8.7.1."
De in de norm opgenomen tekst inzake het afschot is bedoeld om calamiteiten door overbelasting van de draagconstructie door wateraccumulatie te voorkomen; hij is niet bedoeld uit oogpunt van levensduur van de dakbedekking.
Velen denken dat de norm 6702 in het Bouwbesluit volledig van kracht is verklaard. Dit is niet het geval. Het Bouwbesluit verwijst uitsluitend voor de sterkte van de bouwconstructie naar de norm NEN 6702. Dit gebeurt in de artikelen 2, 73, 174, 289, 359 en 381. Men heeft het dan over: 'een uiterste grenstoestand van een bouwconstructie mag bij de in de norm bedoelde uiterste belastingscombinaties niet zijn overschreden.'
Windbelasting is een belastingscombinatie welke in de norm NEN 6702 voorkomt, dus windbelasting is een Bouwbesluit item. Afschot daarentegen is geen belastingcombinatie en dus geen Bouwbesluit-item. Wateraccumulatie, door bijvoorbeeld gebrek aan afschot, is wel een belastingcombinatie en dus een Bouwbesluit-item.

Regels van adviserende instanties en adviesbureaus:

Reeds jaren bevelen adviserende instanties en adviesbureaus aan om daken met afschot te ontwerpen. Vr het verschijnen van de norm NEN 6702 werd geadviseerd uit te gaan van een effectief afschot van 1% (10mm/m1);
nu wordt meestal uitgegaan van de in de norm opgenomen tekst inzake een afschot van tenminste 1,6% tezamen met de doorbuigingseis.
Soms wordt ook gesproken over zogenaamde 'keuringseisen' of 'toelaatbare plasvorming' op daken. Het in dit verband veel gebruikte criterium is hieronder vermeld.
"Een hoeveelheid water op het dak (direct na regen) van maximaal 5% van het dakoppervlak is toelaatbaar, mits deze hoeveelheid is verdeeld over meerdere plassen. De diepte van de plassen mag daarbij maximaal 5mm zijn."
Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat iedere instantie vrij is zijn eigen regels te hanteren. In de praktijk komen dan ook andere 'eisen' dan de hierboven genoemde voor. Hoewel het een goede zaak is dat eenduidige regels worden gehanteerd voor het ontwerpen van afschot wordt nog al eens uit het oog verloren dat naar de hierboven genoemde regels pas kan worden verwezen als deze in de opdracht aan de uitvoerende partij op enigerlei wijze van kracht zijn verklaard. Is dit niet het geval dan is een beoordeling van uitgevoerd werk op basis van bovengenoemde regels niet aan de orde omdat geen wettelijke basis aanwezig is voor deze eisen.

tips BDA:

Een wenk voor goed afschot is een verval van 16 mm per m. Sinds jaar en dag geeft het BDA als grens een effectief afschot van 10 mm per m, wat zoveel betekent als het afschot dat overblijft, nadat er rekening is gehouden met doorbuiging en allerhande belastingen.
Een handige tip is ook: breng de hemelwaterafvoeren niet aan bij opleggingen of kolommen.Er zijn veel manieren om de slechte waterafvoer of het tegenschot te compenseren, of als het afschot niet goed is op papier op te lossen.
klik hier om naar boven te gaan


 

Afschotbepalingen en afschotvormen bij normale dakbedekkingen:

Het afschot moet zodanig ontworpen zijn dat in de eindtoestand elk punt van het dak water kan blijven afvoeren.
Daarom moet bij het bepalen van de dakhelling rekening worden gehouden met:
  • een eventuele onregelmatige verzakking (komt bv voor bij funderen op staal in combinatie met kelder)
  • en de te verwachten doorbuiging van de dragende elementen van de onderconstructie.

Het doorbuigen in meerdere richtingen van met name lichte constructiedelen, zoals stalen daken, kan de effectiviteit van een te geringe afschot teniet doen.

schematische voorstelling van effectief afschot
(Bouwadviseur, oktober 1988)
schematische voorstelling van effectief afschot   (Bouwadviseur, oktober 1988)

In de BDA (Bureau Dak Advies) ontwerpregels is inzake de HWA-afvoer het volgende opgenomen:
Het afschot dient met in acht name van de constructieve doorbuigingen, nominaal minimaal 15 mm/m te bedragen. Dit wil zeggen dat bij de voorbereiding met een dergelijk afschot rekening gehouden dient te worden op tekeningen, details, aansluithoogten, dikten en dergelijke.

In de praktijk betekent dit dat dit nominale afschot, als gevolg van niet verwachte vervormingen van de ondergrond, bouwfouten, maatafwijkingen en dergelijke niet op alle plaatsen gerealiseerd wordt.

Als absolute eis geldt daarom, dat in het gereed gekomen dak op ieder punt, tenminste een effectief afschot aanwezig is van 10 mm/m.

De hemelwaterafvoeren moeten zich in ieder geval bevinden op de laagste punten en verdiept zijn aangebracht.
Het afschot dient bij voorkeur te worden aangebracht volgens de kortste weg naar de hemelwaterafvoeren.

afschotrichtingen  afschotrichtingen

Terrassen, parkeerdaken e.d.:
Hiervoor gelden de volgende aanwijzingen:
  • 'vouwlijnen' tot een minimum beperken, dat wil zeggen dat per dakvlak er niet meer dan één of twee afschotrichtingen mogen zijn;
  • bij voorkeur toepassing van een verdiepte goot (onder de tegelafwerking), waarin eveneens een afschot aanwezig is naar de hemelwaterafvoeren;
  • Indien dit laatste niet mogelijk is, dan toepassing van extra afvoeren in de verdiepte goot.

klik hier om naar boven te gaan


 

Afschotmiddelen:

Hiertoe behoren:
  • op afschot storten van betonvloeren (dit heeft de voorkeur boven afschotlagen);
  • het op afschot aanbrengen van de hoofddraagconstructie en/of secundaire draagconstructie;

  • - Bij houten balklagen behoort het aanbrengen van schegstukken op de balken ook tot de mogelijkheden.

  • afschotlagen;
    - Deze methode waarbij afschotlagen achteraf op betonnen dakvloeren worden aangebracht dient zoveel mogelijk te worden vermeden. Afschotlagen zijn namelijk poreus en kunnen grote hoeveelheden water transporteren, terwijl bovendien in de praktijk het moment van aanbrengen erg ongelukkig is gezien de drang om op dat moment het dak zo snel mogelijk waterdicht te maken, grote hoeveelheden vocht worden dan ingesloten.
  • afschotplaten;
    - Toe te passen op een vlakke horizontale ondergrond die daartoe eventueel eerst uitgevlakt moet worden met bitumen. krimpvrije mortel, etc.
    Afschotplaten van isolatie hebben als belangrijk nadeel dat er gewerkt moet worden naar een plan. Als gevolg van dat plan kan de isolatiedikte behoorlijk oplopen. Niet altijd is daar de ruimte voor in de constructie omdat de opstandhoogte mee omhoog moet.
    De hieronder genoemde mortels geven een vrijere indeling.

  •  
  • afschotisolatiematerialen zoals de cementgebonden mortelsystemen en een bitumengebonden mortelsysteem (polystyreenbeton en gebitumineerd perliet); Deze materialen worden vrijwel uitsluitend toegepast bij renovatiewerken.
    - Het grootste voordeel van cementgebonden systemen is de steenachtige ondergrond die wordt verkregen.
    - Het grootste voordeel van het bitumengebonden systeem is dat het droog is en direct waterdicht kan worden afgewerkt.
    Afhankelijk van het toe te passen dakbedekkingssysteem moeten de systemen worden nabehandeld of juist niet.

Rc waarde en afschotisolatie.

Zie voor artikel "Afschot-isolatie telt wel degelijk mee"(Roofing Holland 1998-03-16) bij onderstaande verwijzingen naar externe sites van derden.
 

Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:
dd: 30-10-2012

 

 
klik hier om naar boven te gaan