Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:

Open haarden en houtkachels.

Voor de volgende onderwerpen ga naar:

algemeen;

open haarden;
ontwerp details en materiaaltoepassing;

klapdeurtjes openhaard (de houtkachel);
de pelletkachel;



 

Algemeen:

Samen op een koude winterdag gezellig rond een knisperend houtvuurtje kruipen is voor velen een fijne situatie.
Veelal is het sfeeraspect van de zichtbaarheid van de vlammen de enige functie van belang, maar als je hiervan houdt dan heb je aan een open haard genoeg.

Wil je echter ook bijverwarmen dan valt de open haard af. Slechts 10-15% van de warmte komt het huis in, de rest verdwijnt door de schoorsteen naar buiten.

De warmte-opbrengst is met het afsluiten van de open haard te verhogen naar 50-75%.
Bij een moderne, gesloten houtkachel ligt de warmte-opbrengst op 70-80% en de pelletkachel heeft een warmte-opbrengst van ca 85%.

Houtstook:

Zachte houtsoorten zoals berken, linden en populieren en naaldhoutsoorten branden snel met en levenige vlam en geven weinig gloed.
Naaldhout is harsrijk, knispert en springt; bescherming tegen vonken is dan ook nodig.
Hardere houtsoorten zoals beuken, eiken en fruitbomen branden rustig en blijven lang nagloeien
Berken en fruitbomenhout geven een aangename geur.
etc.

Over de effecten van houtstook op de luchtkwaliteit is nog veel niét bekend. Vaststaat dat bij brandend hout schadelijke stoffen, waaronder fijnstof, vrijkomen die in bepaalde hoeveelheden schadelijk zijn voor de gezondheid.

De open haard heeft de slechtste verbranding en daardoor verreweg de meeste uitstoot
Pelletkachels stoten de helft minder fijnstof dan open haarden en houtkachels en zijn daardoor met het oog op milieu en de gezondheid de verstandigste keuze.
klik hier om naar boven te gaan



 

Open haarden.

Open haarden zijn verwarmingstoestellen
-   die een zodanige vorm en opstelling hebben, dat het vuur zichtbaar is;
-   waarvan de verbrandingsruimte in open verbinding staat met het te verwarmen vertrek;
-   die gestookt worden met hout of andere vaste brandstoffen.

Een open haard veroorzaakt hoofdzakelijk stralingswarmte.
Veel van de oude behuizingen hadden grote woonvertrekken die lang niet altijd tochtvrij waren en de naastliggende andere ruimten werden niet verwarmd. Om toch gezellig dicht bij het vuur te kunnen zitten, zonder een koude rug te krijgen, had men stoelen met een hoge dichte rugleuning en zijschotten.

Afmetingen en benamingen.

(bron NBD)

 
    

De juiste werking van een open haard is mede afhankelijk van de stookruimte, de stralingsopening en het rookgasafvoerkanaal. De hoogte van de stralingsopening bedraagt bij "normale" afmetingen van vertrek en open haard 3/4 van de breedte van deze opening. De diepte van de stookruimte is ongeveer 1/2 van de breedte van de stralingsopening en meet meestal 450 tot 600 mm. De zijwanden worden onder een hoek van 20° gezet en de rugwand helt vanaf 1/3 van de de stralingsopening ca 200 mm naar voren. De stookbodem ligt ca 350 mm boven de vloer.

De open haard heeft 2 functies die moeilijk combineerbaar zijn.
Namelijk het afgeven van zoveel mogelijk warmte en het verhinderen dat rookgassen in het vertrek komen.
Alleen wanneer er een voldoende en constante onderdruk in het rookgasafvoerkanaal in stand gehouden wordt, zullen de rookgassen buiten het vertrek blijven. Dit is op verschillende manieren te bereiken, waaronder naast het open raam de methode met een openhaard haard ventilator.

0verleg met kenners blijft bij beide methoden een vereiste. Zie de verwijzing bij de externe sites van derden

    rook-top ventilator

Voor het verwijderen van de as zijn 3 opties:

  • een asafvoerkanaal naar een lager gelegen kelder;
  • een aslade in de stookbodem;
  • en het handmatig verwijderen na iedere stooksessie.
  • klik hier om naar boven te gaan


     

    Ontwerp details en materiaaltoepassing:


    Ontwerpdetails:

    Vuur heeft lucht (zuurstof) nodig voor de verbranding en om de gewenste trek te verkrijgen.
    De luchthoeveelheid, nodig om de trek in stand te houden is afhankelijk van de grootte van de stralingsopening.
    Een vuistregel hiervoor is:   stralingsopening in cm² = aangezogen lucht per uur in m³/10

    Eenvoudige maatregelen t.a.v. de bevordering van luchttoevoer zijn het ventileren van het vertrek door het openen van een raam of het aanbrengen van een ventilatiespleet onder een deur van een ruimte waar verse aanvoerlucht voorradig is. Daarbij kunnen hinderlijke tochtverschijnselen ontstaan. Speciale luchttoevoersystemen zijn derhalve veelal gewenst.

    Materiaal:

    Alle bouwelementen van open haarden moeten, afgezien van sommige schouwelementen, samengesteld zijn uit niet brandbare en vormvaste materialen welke bestand zijn tegen hitte zoals:
    • steenachtige materialen waaronder hittebestendige beton, chamotte klinkers, natuursteen;
    • en metalen.
    Alle bouwelementen in de directe omgeving van de stookruimte moeten beschermd zijn tegen ontbranding door hitte of vonken.
    Te denken hierbij aan het materiaal gebruik van de vloer(bedekking) in de nabijheid van de open haard. De samenstelling van de wand waartegen of waarin hij wordt geplaatst, etc.

    Wanneer het opwekken van warmte-energie mede van belang is dan dient, omdat er hoofdzakelijk stralingswarmte wordt afgegeven, het vermogen tot opnemen van warmte van de toegepaste materialen zo groot mogelijk te zijn. Hierdoor zal een constantere warmte afgifte mogelijk zijn.

    éénzijdige stralingsopening:

    tweezijdige stralingsopening:

    driezijdige stralingsopening:



    vierzijdige stralingsopening:


     

     

     
        I.v.m. de trekgevoeligheid van dit haardtype moet voor een ruim rookgasafvoerkanaal
        worden gekozen.
        De kap boven de stookbodem moet een oppervlak hebben die ca 2.5 x zo groot moet
        zijn als de stookbodem zelf en hij mag er niet te hoog boven hangen.

    klik hier om naar boven te gaan


     

    De klapdeurtjes openhaard (de houtkachel).

    bron en afbeeldingen:   (Ruud Rook 1981)

    houtkachels
Godin Colonial, Rais, Munke, Cé-Al Pejse
bron:Ruud Rook 1981  afgebeelde houtkachels Godin Colonial, Rais, Munke, Cé-Al Pejse

    De klapdeurtjes open haard is een type voorzetkachel, die met de deurtjes open als open haard kan branden en met gesloten deurtjes als kachel kan worden gestookt.

    Afhankelijk van het gebruiksdoel zijn er diverse houtkachels in de handel.

    Een bestaande open haard met een één- of tweezijdige stralingsopening is in principe eenvoudig te upgraden met een gesloten inzethaard;    ook wel inbouwcassette genoemd. Daarmee wordt de oospronkelijke open haard een gesloten haard met een beter verbrandingsproces, waardoor de warmte-opbrengst hoger is en de uitstoot van schadelijke stoffen lager. inzetkachel

    klik hier om naar boven te gaan


     

    De pelletkachel.

    De pelletkachel is vernoemd naar zijn brandstof de pellet die geautomatiseerd verbrand worden. Pellets zijn kleine samengeperste houtstaafjes die afkomstig zijn van snoeihout uit bossen en van houtafval (zaagmeel) van zagerijen.
    Het is dus onbehandeld en zuiver hout en bevat geen bindmiddel of lijm. Door de hars in het hout kan het zaagmeel, onder hoge druk in de pellet (korrel) worden geperst en vormt het een mooi compact geheel:    de pelletkorrel! en behoudt het zijn vorm.

    De pelletkachel heeft een ingebouwd reservoir voor pellets.
    Deze worden vanuit dat reservoir mechanisch naar de vuurkorf getransporteerd (b.v. door middel van een wormschroef).
    In de vuurkorf worden de pellets automatisch ontstoken met behulp van een gloeispiraal en gedoseerde luchttoevoer.
    Afhankelijk van de gevraagde warmte regelt de pelletkachel de snelheid van aanvoer van pellets en de luchttoevoer.
    De rookgassen worden met een ventilator naar buiten geblazen.
          pelletkachel

     

    Bouwkundig detailleren voor tekenaar en ontwerper:
    dd: 25-12-2017

     

     

    klik hier om naar boven te gaan